woensdag, augustus 17, 2022
18.6 C
Brugge

AZ Sint Jan gaat hun samenwerking verbreden inzake kniechirurgie

Veel mensen krijgen vroeg of laat meniscusproblemen: problemen met ‘de schokdemper’, waarvan we er in elke knie twee hebben. We moeten daarbij een onderscheid maken tussen problemen die ontstaan door een verkeerde beweging of ongeluk en een scheur door ouderdomslijtage. De eerste soort zien we vaak bij jonge, actieve patiënten en vraagt al sneller om een operatie. De tweede soort hoort doorgaans bij het natuurlijke slijtageproces van ons kraakbeen. Vroeger ging men ook hiervoor iets te snel over tot een operatie. Nu proberen we dit te vermijden.

Aantal operaties beperken

Vaak komen de knieklachten in opstoten en kunnen we ze behandelen met minder ingrijpende middelen, zoals medicatie, kinesitherapie of cortisone-infiltratie. We willen het aantal meniscusoperaties bij patiënten boven de 50 jaar zoveel mogelijk beperken. Als de ‘zachtere’ middelen niet of onvoldoende helpen of als het meniscusletsel daar duidelijk om vraagt, kunnen we natuurlijk nog altijd tot een operatie overgaan.

Infiltraties

Als je last hebt van beginnende kraakbeenslijtage zijn infiltraties vaak een goede behandeloplossing. De infiltraties die hiervoor het meest gebruikt worden, zijn cortisone, hyaluronzuur en plaatjesrijk plasma (Platelet Rich Plasma (PRP). Leveren deze onvoldoende effect op en krijg je toch liever geen chirurgische behandeling, dan is er ook nog de mogelijkheid om met lichaamseigen stamcellen (Adipose-Derived Stem Cells/ADSC’s) te werken.

Zo lang mogelijk uitstellen

Die stamcellen halen we uit je eigen vetweefsel en behandelen we om er de juiste werkzame stoffen uit te halen. We nemen ook bloed af om er plaatjesrijk plasma mee te maken en mengen de stamcellen hiermee. Dit mengsel injecteren we dan terug in je kniegewricht. Je voelt een onmiddellijke vermindering van de gewrichtspijn, maar het effect van de stamcellen zelf wordt pas na vier tot zes maanden duidelijk. Het resultaat van deze behandeling is krachtiger dan hyaluronzuur, maar wel veel duurder en ook ingrijpender. Toch is dit een goede optie als je een operatie zo lang mogelijk wil uitstellen, maar niet genoeg geholpen bent met de gebruikelijke infiltraties.

Kunstmeniscus

Jonge patiënten die nog steeds last hebben van kniepijn na de verwijdering van (een deel) van de meniscus kunnen we nu ook helpen met een meniscustransplantatie. Dit kan enkel als je jonger bent dan 40. Vroeger kreeg je dan soms al te snel een gedeeltelijke of volledige knieprothese. In de zomer van 2021 implanteerden we onze eerste twee kunstmeniscussen, in samenwerking met de collega’s van AZ Monica in Antwerpen. De kunstmeniscus is ontworpen in een vorm en materiaal die lijken op de natuurlijke meniscus. Het implantaat is dus bedoeld om je natuurlijke meniscus te vervangen. Het verlicht de pijnsymptomen en herstelt de beweeglijkheid van je knie. We gaan wel eerst zorgvuldig na of je hiervoor in aanmerking kan komen.

Gloednieuwe techniek

Omdat we patiënten zo lang mogelijk willen weghouden van een knieprothese, gaan we op zoek naar nieuwe technieken en methodes om de eigen knie zo lang mogelijk te behouden. Een van die nieuwe technieken is de kniedistractie. We zetten een frame over je knie dat de beenderen in je boven- en onderbeen zes tot negen weken zo’n 5 millimeter uit elkaar houdt. Zo kunnen we niet enkel de symptomen verminderen, maar kunnen de weefsels die door artrose beschadigd zijn zich ook herstellen. Kraakbeenschade zou dankzij deze techniek zelfs gedeeltelijk omkeerbaar zijn. In 2022 nemen we deze gloednieuwe techniek ook op campus Sint-Jan in het aanbod op.

Knieprothese met behulp van robottechnologie

Valt een knieprothese toch niet meer af te wenden? In maart 2018 plaatsten we als eersten in West-Vlaanderen knieprothesen met behulp van robot-technologie. Die helpt ons om preciezer te werken, met zo weinig mogelijk weefselschade. We onderzoeken verder of dit voor de patiënt ook minder pijn en sneller herstel met zich meebrengt.

Behandeling op maat

Tot slot behandelen we ook kruisbandletsels (meestal een gescheurde voorste kruisband) steeds sterker ‘op maat’ van de patiënt zelf en het soort letsel. Hiervoor kunnen we verschillende types pezen gebruiken naargelang de sport die het letsel veroorzaakte en het sportniveau: zowel de hamstrings, de quadricepspees als de patellapees komen in aanmerking. Vaak gaan we rond het gewricht zelf ook over tot een ‘versteviging’ van de buitenste gewrichtsband (anterolateraal ligament) zodat deze de draaistabiliteit beter kan opvangen. Hierdoor daalt de kans sterk dat de kruisband opnieuw zal scheuren! Dit soort aandoeningen treft vooral jonge, actieve mensen. We doen er alles aan om hen opnieuw terug te brengen naar hun normale activiteitsniveau en ervoor te zorgen dat ze weer 100% kunnen vertrouwen op hun knie. Ook als we bijvoorbeeld bijkomende letsels opmerken aan de meniscussen of het kraakbeen, bezorgen we uitgebreide, aangepaste informatie aan de kinesisten die de patiënt na de operatie verder zullen begeleiden, zodat ze daar ook rekening mee kunnen houden.

Verder verfijnen en onderzoeken

Naar de toekomst toe willen we onze aanpak van knieproblemen trouwens nog verder verfijnen. Daarom en om nog meer en beter onderzoek te kunnen doen naar de beste manieren om diverse knieproblemen te behandelen, gaat AZ Sint Jan naast haar bestaande samenwerking met UZ Gent en UZ Leuven ook een samenwerking aan met AZ Groeninge in Kortrijk, AZ Monica in Antwerpen en het Jan Yperman Ziekenhuis in Ieper.

Ben je al mee met dit?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Ook dit moet je lezen